Daar zijn ze, de drie goddelijke schoonheden: Hera, Athene en Aphrodite. De Trojaanse prins Paris, die optreedt als eenmansjury, kijkt even verbaasd naar Hermes, de boodschapper van de goden. ‘De mooiste van de drie kiezen, zei u?’ zo herhaalt hij de opdracht vol verbazing. Hij kan deze schoonheden die groter dan het leven zijn amper recht aankijken, laat staan de mooiste uitkiezen. Maar de gouden appel kan maar naar één van de drie gaan.