De grafkamer van de man, het paard en de wapen- en rijuitrusting
Institute of Archaeology of the Russian Academy of Sciences
Zeldzaam houten graf ontdekt in Centraal-Rusland: Noorse elite reikte verder dan gedacht
Archeologen hebben bij het Russische Soezdal een tiende-eeuws houten kamergraf blootgelegd. In de ondergrondse crypte lagen de resten van een jonge man, begraven samen met zijn paard, hond, strijdbijl en een zilveren mantelspeld. Het is het eerste graf van dit type dat in de regio Suzdalskoje Opolje is gevonden. De vondst biedt belangrijk nieuw inzicht in de rol van de Scandinavische elite bij het ontstaan van het Kievse Rijk.
Tekst: Rens van Maasakker
De ontdekking werd gedaan op het middeleeuwse grafveld van Gnezdilovo, nabij Soezdal, ruim 200 kilometer ten noordoosten van Moskou. Wetenschappers van het Archeologisch Instituut van de Russische Academie van Wetenschappen (IA RAN) en het Staats-Historisch Museum doen hier al zeven jaar onderzoek.
Scandinavische invloed en het Kievse Rijk
In de negende en tiende eeuw veranderde Oost-Europa ingrijpend. Scandinavische handelaars en krijgers (in de regio bekend als Varjagen of Rus') trokken via de grote rivieren naar het zuiden om handel te drijven met het Byzantijnse Rijk en het Kalifaat van Bagdad. Langs deze handelsroutes mengden zij zich met de lokale Baltische en Slavische bevolking. Dit leidde uiteindelijk tot het ontstaan van het Kievse Rijk, een federatie van vorstendommen die de basis vormde voor de latere Oost-Slavische staten.
De Scandinavische elites brachten hun eigen rituelen mee naar hun nieuwe leefgebied. Een van de meest karakteristieke gebruiken was het begraven van vooraanstaande personen in 'kamergraven': ondergrondse houten crypten. Deze graven werden uitgerust met een rijke inventaris, variërend van wapens en handelsgerei tot geofferde dieren zoals paarden en honden, bedoeld om de status van de overledene in het hiernamaals te bevestigen.
Ondergrondse houten crypte
In heel Rusland zijn tot nu toe slechts een tachtigtal van dit soort tiende-eeuwse kamergraven ontdekt. Vrijwel al deze graven lagen bij de vroegste grote handels- en machtscentra langs de bekende rivierroutes, zoals Kiev, Pskov, Ladoga en Gnezdovo nabij Smolensk.
De nu ontdekte crypte in Gnezdilovo lag ongeveer een meter onder de grond en mat 3,1 bij 2,7 meter. De wanden bestonden uit verticale houten planken en het graf had een houten vloer en dak. Hoewel het dak in de loop der eeuwen is ingestort, bleef de inhoud goed bewaard. In het zuidelijke deel van de kamer lag het skelet van een man die tussen de 25 en 35 jaar oud was toen hij overleed. Aan de noordzijde vonden de archeologen de skeletten van zijn paard en hond.
Rijke grafgiften
De man werd begraven met spullen die zowel zijn militaire status als zijn maatschappelijke rol onderstrepen. Op zijn borst lag een zilveren hoefijzervormige mantelspeld. Verder trof het team een strijdbijl met resten van de houten steel, een ijzeren mes, een hoornen kam en een weegschaaltje met gewichten; een voorwerp dat veel werd gebruikt door Noorse handelaren voor het wegen van zilver. Tussen de man en het paard lagen een speerpunt, stijgbeugels en een paardenbit.
Machtscentrum schuift op
Tot nu toe werd aangenomen dat de regio rond Soezdal pas in de elfde eeuw een rol van betekenis ging spelen binnen het Kievse Rijk. Alle eerder gevonden graven met wapens en paardentuig in dit gebied dateerden uit die latere periode.
De vondst van een tiende-eeuws kamergraf met duidelijke Scandinavische kenmerken toont aan dat de militair-bestuurlijke elite van het Kievse Rijk zich al een eeuw eerder in deze noordoostelijke regio vestigde. Het gebied fungeerde waarschijnlijk al veel sneller dan gedacht als een strategische buitenpost voor controle over de noordoostelijke gebieden.
