Gevonden Munten

Gevonden Romeinse munten 

Anika Tauschensky / State Office for Heritage Management and Archaeology Saxony-Anhalt

Romeinse legioenen aan de Elbe: eerste marskampen ontdekt in Saksen-Anhalt

Lange tijd was er nauwelijks fysiek bewijs voor Romeinse militaire operaties diep in het huidige Duitsland na de beruchte slag bij Varus in 9 na Christus. Recente ontdekkingen in Saksen-Anhalt brengen daar verandering in. Voor het eerst zijn er bewijzen gevonden voor Romeinse marskampen tussen het Harzgebergte en rivier de Elbe. Deze vondst laat zien dat er in de 3de eeuw na Christus nog militaire aanwezigheid van de Romeinen was in het gebied.

Archeologische vondst vanuit de lucht

De ontdekking van de kampen is grotendeels te danken aan moderne technieken en de inzet van vrijwilligers. Al in 2020 herkende een vrijwilliger op satellietbeelden de contouren van een kamp nabij Aken. In de jaren daarna volgden meer locaties bij Trabitz en Deersheim. Door gebruik te maken van digitale luchtfotografie en hoogtekaarten konden de kaarsrechte lijnen van de omwallingen en de kenmerkende afgeronde hoeken van Romeinse kampen in kaart worden gebracht.

Wat deze kampen direct als Romeins identificeert, is de aanwezigheid van een zogenaamd titulum. Dit is een korte extra greppel met een wal die als een soort drempel voor de toegangspoort lag om een directe stormloop van vijanden te voorkomen. Dit type verdediging is uniek voor het Romeinse leger en onderscheidt de kampen van prehistorische of middeleeuwse kampen.

Spijkers en munten geven de doorslag

Om de waarnemingen vanuit de lucht te bevestigen, is grootschalig veldonderzoek uitgevoerd. Met metaaldetectoren vonden archeologen meer dan 1.500 objecten. Opvallend is de grote hoeveelheid ijzeren nagels van de typische Romeinse soldatensandalen (caligae), die de militairen tijdens hun marsen vaak verloren.

Tijdens opgravingen in 2024 en 2025 werden de greppels daadwerkelijk blootgelegd. Deze vertoonden de klassieke V-vorm, waren tot 1,8 meter breed en ruim anderhalve meter diep. Een van de belangrijkste bewijsstukken is een zilveren denarius met de beeltenis van keizer Caracalla (regeerde 211-217 n.Chr.), gevonden in het kamp bij Trabitz.

Herziening van de geschiedenis

De vondsten dateren uit het begin van de derde eeuw n.Chr. Dit is een periode waarin men voorheen aannam dat de Romeinen zich vooral beperkten tot de verdediging van de Limes, de rijksgrens. De kampen in Saksen-Anhalt liggen echter honderden kilometers dieper in vijandelijk gebied, in het zogenaamde Germania Libera.

Historische bronnen maken melding van campagnes onder keizer Caracalla in 213 n.Chr. en later onder Maximinus Thrax in 235 n.Chr. Tot nu toe twijfelden historici of deze expedities werkelijk zo diep het binnenland in gingen. Door de huidige vondst lijkt deze twijfel te worden weggenomen. 


 

Meer lezen