‘Experimenteel!’

blog - 16-07-2012

Donderdag 24 mei 2012, 10.30. In het bos om ons heen horen we overal de slagen van stenen bijlen en af en toe het gekraak van een vallende boom. Archeologiestudenten met enorme blaren komen bezweet het in het bos verscholen basiskamp binnenlopen om hun documentatieformulieren in te vullen en wat te drinken. Universiteitsmedewerkers rennen af en aan om te filmen, foto's te maken en het werk te begeleiden. Wat hier aan de hand is? Experimentele archeologie!

Bijna om. Experimentele archeologie

Archeologie studenten van de Universiteit Leiden zijn bij Zeewolde bezig met de reconstructie van een huis van de neolitische Vlaardingencultuur dat ooit bij Haamstede-Brabers (Zeeland) is opgegraven. Één van de redenen dat we juist dit huis wilden nabouwen is dat deze plattegrond van Haamstede-Brabers bijzonder compleet was voor een steentijdopgraving. Dit betekent nog niet dat we dus ook precies weten hoe het huis eruit zag. Een huisplattegrond is namelijk niet meer dan een verzameling van verkleuringen in de grond waarvan we aannemen dat ze palen bevatten die bijdroegen aan de huisconstructie. Hoe die constructie er precies uitzag is echter onzeker. Misschien dat we dus in de toekomst nog eens hetzelfde huis gaan bouwen, maar dan met andere keuzes.

Maar voor nu hebben de studenten hun handen vol aan dit huis. De stemming is goed en ondanks de blaren werken ze hard. De kick van het vellen van bomen met werktuigen die ze anders alleen als studieobject kennen, motiveert ze door te gaan. Terwijl er één werkt, documenteert de ander. Tijdsduur, hoeveelheid verwijderd hout, beschadiging van het werktuig, het wordt allemaal bijgehouden. Spielerei? Een beetje 'ja' maar vooral veel 'nee'. Omdat het project van A tot Z in detail gedocumenteerd wordt levert de bouw veel waardevolle gegevens op. Het gaat ons dus vooral om het bouwproces , niet zozeer om het uiteindelijke resultaat.

De eerste bomen gaan om. Experimentele archeologie

Een goed gedocumenteerde reconstructie geeft inzicht in de hoeveelheid materiaal die nodig is voor de bouw van zo'n huis, denk aan hout, klei en riet voor het dak. Er wordt ook nauwkeurig bijgehouden hoeveel tijd de diverse bouwactiviteiten kosten en hoeveel en wat voor werktuigen daarvoor nodig waren. Natuurlijk heb je wel ervaren mensen nodig, want de verschillen met beginners zijn groot. Geoefende hakkers velden een boom met stenen bijlen in 15-20 minuten terwijl studenten hier soms bijna 1,5 uur over deden. Maar ook dat is interessant want het geeft ons inzicht in leerprocessen. Natuurlijk worden de gegevens van de werktijden van de studenten vergeleken met de arbeidstijd van ervaren bouwers. Al deze kwantitatieve gegevens over benodigde materialen en werktijd geven ons een beeld wat de uitvoering van zo'n project 5000 jaar geleden betekende voor een kleine gemeenschap. Die interesse in het bouwproces in al zijn facetten maakt dit project uniek in Nederland.

En als het huis één keer staat gaat het experiment door: hoe snel gaat het verval, welk hout rot het eerste weg, heeft het zin palen te 'roosteren' als conserveringsmethode, welke grondsporen krijg je als je palen gaat vervangen etc. etc. We zijn nog lang niet klaar!

Behalve interessante informatie levert dit project natuurlijk ook prachtige ervaringen op voor de deelnemers. Behalve de toch weer verrassende effectiviteit van de steentijdwerktuigen, is het geweldig een huis te bouwen van materialen die allemaal rechtstreeks uit het omliggende bosgebied komen. Experimenten met de plaatselijke zeeklei leert dat die geschikt is voor de muren en de vloer, mits de klei vermengd wordt met gelijke delen zand om de krimp te verminderen. Dikke, sterke hazelaars groeien vlak naast de bouwplaats maar zijn bijzonder lastig om te krijgen omdat ze bij het omvallen in elkaar haken. Eiken en elzen zijn het fijnst om te vellen, maar beiden groeien wat verder weg. De eiken, die aan de overkant van het ven staan, worden daarom het water overgezwommen: een aangenaam klusje met het warme weer. Heel wat beter dan sjouwen!
In augustus gaan de eerste palen de grond in. Op dit blog zullen we elke maand verslag doen van dit project en andere archeologische experimenten.

Annelou van Gijn en Diederik Pomstra


 

Experimentele Archeologie

De blog over experimentele archeologie wordt geschreven door Annelou en Diederik.

Annelou van Gijn is hoogleraar in de Archeologische Materiële Cultuur en Artefactstudies aan de Universiteit Leiden en hoofd van het Laboratorium voor Artefact Studies (www.artefactstudies.nl).

Diederik studeerde Nederlands en internationaal recht maar heeft na enkele jaren juridisch werk besloten een andere richting op te gaan. Zijn werk en belangrijkste hobby zijn nu experimentele archeologie en prehistorische technologie. Diederik’s website is te vinden op www.het-stenen-tijdperk.nl.