Van vondst naar foto

Archeologie is meer dan graven, scherven en skeletten. Binnen de archeologie zijn er veel vrijwilligers werkzaam, soms verbonden aan de plaatselijke organisatie soms aan de landelijke vereniging “AWN- vrijwilligers in de archeologie”. Deze vrijwilligers zijn de oren en ogen van de archeoloog. Zoals in een aantal van de andere artikelen te lezen is, zit de archeoloog vaak achter zijn bureau in plaats van met zijn laarzen in de modder. Wat als er ergens wordt gegraven? En wat als er leer gevonden wordt?

Wordt er ergens gegraven?

Soms ziet een vrijwilliger dat er ergens gegraven wordt en geeft dit door aan de archeoloog. Een medewerker van de archeologische dienst kan dat bouwproject en de graafwerkzaamheden verder monitoren. Hij heeft contacten met de eigenaar van het terrein, de aannemer, en projectleider. Bij sloopwerkzaamheden wordt er gekeken of het niet te diep gaat en er op die manier archeologische sporen vernietigd worden.

Metaaldetectie

Vaak wordt iemand die met een metaaldetector op een akker loopt gezien als een schatgraver. Toch is metaaldetectie heel zinvol in de archeologie. Vanwege de negatieve associaties is het lang een ondergeschoven kindje geweest, maar zo langzamerhand werken steeds meer organisaties binnen de archeologie samen met metaaldetectie. Soms zijn het vrijwilligers die ingezet worden bij een opgraving, soms zijn het betaalde medewerkers die de metaaldetectie verzorgen. Steeds meer mensen binnen de archeologie zijn ervan overtuigd; ook metaal vertelt een heel verhaal.

Leer en textiel vondsten

Nog een ondergeschoven kindje is leer en textiel. In klei gebieden blijft leer goed van kwaliteit. Doordat de bodem vochtig is raakt het leer niet uitgedroogd zodat het niet kan verpulveren. Medewerkers, vaak vrijwilligers, wassen het gevonden leer en zoeken uit wat bij elkaar hoort om het vervolgens te tekenen en te beschrijven. Om leer te bewaren moet het ontsmet worden, gedroogd en in vet bewaard. Dan nog moet het gecontroleerd worden op schimmel, want dit schaadt het leer. Wat wel vergaat in de bodem is de verf waarmee sommige leervondsten beschilderd zijn. Soms zijn vage motieven het enigste wat ervan over is. Alle leer vondsten worden beschreven. De grondlegger van het beschrijven van archeologisch leer is Olaf Goubitz, zijn boek is de bijbel voor de leerspecialisten.

Textielvondsten zijn er weinig, omdat dit in de bodem vergaat. Een enkele keer zit er een stukje textiel aan een gesp of knoop. Het is dan ook bijzonder zeldzaam als er een compleet kledingstuk wordt gevonden zoals de 17e eeuwse jurk die in een scheepswrak bij Texel werd gevonden.

De archeoloog als huisfotograaf

Een hoop scherven op een foto zegt niet zoveel, maar een prachtig gerestaureerd glas of bijzonder mooie metalen gespen lenen zich prima voor een foto. Foto’s maken doet de archeoloog op verschillende plaatsen en met verschillende doeleinden, maar altijd om het verhaal van de vondst te vertellen. Zo worden er foto’s in het veld gemaakt, maar ook foto’s in de eigen studio. De foto’s belanden in rapporten, op posters voor open dagen, op de website en in boeken. De opgraving is voorbij, maar gelukkig hebben we de foto’s nog van alle prachtige vondsten die vaak in een depot belanden.

Afbeeldingen Archeologie West-Friesland